Schilderingen 

S1 Catharina met locomotiefje; 2009; 90x60cm.

Paspop Catharina heeft er flink de pas in. Daarbij is ze niet alleen, ze heeft haar speelgoedje meegenomen.
We kunnen er een bijzondere connectie tussen dingen in zien, die tussen de pop en de locomotief.
Bovendien schijnt de zon, wat wil een pop nog meer.


S2 Three little birds sitting on a wire; 2010; 40x60cm.

We zien hier drie vogeltjes op een draadje, vastgehouden door twee handen. 
Toch leuk dat die diertjes zo braaf blijven zitten. 
We kunnen spreken van een interessante connectie tussen mens en dier.
Op te merken is nog dat de achtergrond uit louter abstracte elementen( of figuren) bestaat.

S3 Stop; 2010; 40x60cm.

Een vliegende vogel wordt tegengehouden door een hand.
Dat is waarschijnlijk wel even schrikken voor het dier, maar de onverwachte connectie kan natuurlijk goed aflopen.
Wat verder opvalt is dat de schildering, evenals de vorige, een combinatie van realistische en abstracte figuren heeft.



S4 Looking good; 2011; 60x90cm.

Tussen twee schotten door kijkt een oog ons aan. Op een sokkel staat een hoofd. 
Wat opvalt in de schildering is de combinatie van oog en de tekst Looking good of Good looking op de sokkel.  We kunnen zeggen dat er sprake is van een bijzondere  connectie tussen afbeelding en woorden.
Zo te zien vindt het hoofd dit erg grappig.


S5 De twee maskers; 2013; 60x90cm.

Twee maskers hangen broederlijk bijeen en spelen een spelletje. We kunnen opnieuw spreken van een bijzondere connectie, maar nu tussen dingen.
Verder valt op dat de abstracte achtergrond bestaat uit evenwijdig lopende lijnen, die  vanwege de evenwijdigheid ook weer een bepaalde connectie hebben.

S6 Grafity is everywhere; 2013; 60x90cm.

Een soort van bouwwerk wordt overeind gehouden door uit het 'water' oprijzende handen. Zeker een prestatie van de eerste orde.
We kunnen er een bijzondere  connectie tussen mens en ding in zien.
Ook hier hebben we te maken met een achtergrond van evenwijdig lopende lijnen.

S7 Het boeket; 2012; 90x60cm.

In een kamer voor het raam staat een onthoofde paspop.
Ze is voorzien van ogen, mond, neus en oren die via draadjes, als een soort boeket, met de halsopening zijn verbonden.
De pop had vermoedelijk ooit een bijpassend hoofd. Er is m.b.v. de draadjes en toebehoren wel een poging gedaan de connectie te herstellen, maar dat is toch niet erg gelukt.


S8 Where do you go?; 2014; 60x80cm.

Binnen een opstelling van schotten vliegt een vogel.
Op de wanden zijn als een soort  van ramen gekleurde vlakken aangebracht.
De situatie lijkt niet ongevaarlijk voor de vogel. Hoe zal dat aflopen?
In het werk is sprake van een bijzondere connectie tussen dier en omgeving. Maar daarnaast is er ook de connectie tussen de primair gekleurde vlakken.



S9 Vleugels boven Holland; 2014; 100x70cm.

Het tafereel toont een met de hand aan het schommelen gebrachte speelgoedzwaan.
Dit gebeurt boven een abstract weergegeven Hollands landschap, bestaande uit weilanden met rondom sloten.
We kunnen in het werk zowel een connectie tussen mens en ding onderscheiden als een connectie tussen rechthoekige vlakken
 op rij.




S10 Birds; 2014; 60x80cm.

In het werk worden cirkelvormige vlakken gedeeltelijk aangewend om twee vliegende vogels te verbeelden. We kunnen zeggen dat er een interessante connectie is ontstaan tussen dieren, maar ook tussen geometrische figuren.


S11 Wieken boven Holland; 2014; 40x60cm.

Deze schildering heeft veel geometrische figuren. Toch kunnen we in de cirkelvormige vlakken de draaiende wieken van molens onderscheiden.
En in de rechthoekige vlakken het Hollandse landschap, bestaande uit weilanden omgeven door sloten.
We kunnen een bijzondere connectie zien in de rechthoekige vlakken op rij.





S12 De balans; 2015; 60x50cm.

De afbeelding toont een balans, vastgehouden door een hand.
Wat opvalt is dat de rood-wit gekleurde vlakjes die aan de balans hangen naar rechts toe of naar binnen toe steeds kleiner worden.
Deze vlakjes eindigen hier noodgedwongen, maar lopen in principe door tot in het oneindige.
En deze rijen zijn op meer plekken te onderscheiden. We kunnen zeggen dat er sprake is van een interessante connectie tussen vlakken op rij.



S13 Wat is het echte oog?; 2015; 60x90cm.

Een oog kan worden voorgesteld door een afbeelding of door de tekst oog.
Als we een oog zien denken we vanzelf aan de bijbehorende tekst. Omgekeerd stellen we ons bij de tekst oog de afbeelding voor.
We vinden het gewoon, maar eigenlijk is de connectie tussen ding (hier het oog) en het bijbehorende woord heel bijzonder.



S14 Elkaar overlappende rechthoekige en cirkelvormige vlakken; 2015; 100x100cm.

Deze schildering toont een combinatie van abstracte figuren en een realistische figuur, de oogbol. Het abstracte gedeelte overheerst echter. De rechthoekige vlakken en de cirkelvormige  vlakken overlappen elkaar gedeeltelijk, waardoor een interessante connectie  ontstaat.




S15 Ogen op rij; 2016; 80x60cm.

In dit werk is het overlappende gedeelte van twee cirkelvormige vlakken getransformeerd tot een oog.
Het ooggedeelte is dus eigenlijk het connectievlak.
Door de herhaling is een interessante rij van deze vlakken ontstaan.



S16 Vervlechting 1; 2017; 30x50cm.

Dit is de eerste schildering met louter abstracte figuren. Zie verder de tekst bij het volgende werk.




S17 Vervlechting 2; 2017; 30x50cm.

We kennen allemaal het vlechten met stroken papier.
Hierbij is het meestal de bedoeling dat een patroon met rechthoekige vlakjes ontstaat doordat de stroken elkaar telkens gedeeltelijk overlappen.
Van dat idee is hier ook gebruik gemaakt. We kunnen spreken van een interessante  connectie tussen vlakken.



S18 Rechthoekige vlakken op rij met een onderbroken connectie; 2018; 50x70cm.

In deze schildering zien we verticale vlakken op rij in, op één na, primaire kleuren.
Het zilverkleurige vlak is duidelijk de dissonant en is dan ook verantwoordelijk voor het woord  onderbroken in de titel.





S19 Golvende vlakken op rij  of: Zomer; 2020; 70x100cm.

Deze schildering heeft zes rijen golvende vlakken. Waar het blauwe vlak het gele overlapt ontstaat de mengkleur groen.
De uitwaaierende sinusvormige vlakken lopen, vanaf een beginpunt in de 'black box' linksonder, in principe door tot in het oneindige. 
De vlakken hebben telkens een lijn gemeen en de genoemde twee ook het groene vlakje. 
We kunnen daarom spreken van een interessante connectie tussen geometrische figuren.

S20 Rechte hoeken op rij of: Trappen naar de oneindigheid; 2021; 70x100cm.

Er zijn hier acht rijen rechte hoeken. In principe lopen ze naar rechtsboven tot in het oneindige door en komen ze voort uit een nulpunt of oorsprong linksonder.
We kunnen de lijnen zien als trappen die ons naar het oneindige voeren. Elke  trap vormt dan de connectie tussen hier ( de oorsprong)  en daar (de oneindigheid).
Dit  zou wel eens de ultieme connectie kunnen zijn, iets waar ik in mijn werken al lang naar op zoek ben. Heb ik het dan nu gevonden?